

Alcatraz 2025 was geen festival dat je “gewoon even meepikte”. Het was drie dagen lang een marathon van riffs, blasts, theatrale acts en verrassende ontdekkingen. Het terrein aan de Lange Munte in Kortrijk werd opnieuw een smeltkroes van stijlen: thrash, death, doom, power, folk en industrial, alles passeerde de revue.
Dag 1 – thrash als mokerslag
De eerste festivaldag zette meteen de toon. Blaze Bayley, de voormalige Iron Maiden-frontman, had de eer de Prison Stage te openen. Met Wrathchild en eigen materiaal kreeg hij al vroeg een stevige meute op gang. In Helldorado was het meteen brutaal: Coffin Feeder, met Sven de Caluwé (Aborted), ramde er een deathgrind-tsunami door, inclusief moshpit die geen rekening hield met het vroege uur.
Frayle in La Morgue zorgde voor een totaal ander gevoel: doom en gothic die het publiek eerder in trance dan in beweging bracht. Hun cover van Lana Del Rey’s Summertime Sadness groeide uit tot een van de eerste verrassende hoogtepunten van het weekend.
Later op de dag kregen we thrashlesjes van Dark Angel en Kreator. Mille Petrozza leidde zijn troepen als altijd messcherp door een set die tegelijk nostalgisch én hedendaags klonk. Hypocrisy trok de Swamp scheef met een set vol Scandinavische felheid, terwijl Thrown liet horen dat moderne metalcore en deathcore perfect kunnen samensmelten tot een bulldozer van energie.
De dag sloot af met een vleug duisternis. Absu, een echte cultband, bracht black metal met thrash- en speedinvloeden die net zo chaotisch als geniaal klonk. Me And That Man, het zijproject van Nergal (Behemoth), leverde dan weer donkere folkrock vol religieuze symboliek. En in La Morgue hypnotiseerde Dool het publiek met hun meeslepende set, die eindigde in een bedwelmende versie van Oweynagat.

Dag 2 – variatie en grootse namen
Zaterdag werd voor velen de échte start van Alcatraz. De Prison Stage werd geopend en meteen kleurde het terrein diverser. Snot bracht energieke grooves en Wednesday 13 liet shockrock botsen met popstructuren – een vreemde mix die wonderwel werkte. Daarna gooide Wind Rose hun theatrale dwergen-power metal in de zon, een love-it-or-hate-it-moment voor velen.
Wie brute kracht zocht, werd op zijn wenken bediend: Dying Fetus sloopte de Swamp, Thrown bleef imponeren en Baest dreef hun old school death metal door de tent alsof het 1991 was.
Maar dag twee was meer dan brute kracht. Myrath toverde het terrein om in een woestijnkaravaan met hun mix van progressieve metal en Midden-Oosterse invloeden. Evergrey bracht melancholie en grandeur, waarbij Tom S. Englund opnieuw bewees dat zijn stem een genre op zich is.
Nailbomb keerde verrassend terug. Max Cavalera en zoon Igor Amadeus bliezen hun industrial-thrashproject nieuw leven in met een rauwe, compromisloze set. Vader en Suffocation bewezen intussen dat extreme metal van de oude garde nog altijd messcherp is.
De avond kleurde zwart: Borknagar voerde het publiek mee naar Noorse bergtoppen, Dimmu Borgir transformeerde de Prison Stage in een gotisch theater vol rook en bombast, en Emperor leverde een sacrale masterclass die bewees waarom hun naam nog altijd legendarisch klinkt.
Headliner Mastodon liet tenslotte zien dat variatie en virtuositeit hand in hand kunnen gaan. Blood and Thunder, Megalodon en een vurige cover van Sabbath’s Supernaut sloten de dag af met stijl.
Dag 3 – Belgisch vuur en wereldiconen
De slotdag begon met een stevige Belgische delegatie. Promise Down bracht rauwe hardrock à la AC/DC en Judas Priest. Cult of Scarecrow dompelde de vroege vogels onder in epische doom en prog. Congress herrees en bewees dat de H8000-hardcore nog altijd even fel en compromisloos is. Cobracide uit Brugge knalde de Morgue aan flarden met thrash en death, inclusief een Slayer-cover die de tent deed daveren.
Daarna kwamen de internationale zwaargewichten. Fear Factory toverde de Prison Yard om in een futuristische oorlogsmachine, strak geleid door Dino Cazares en met nieuwe zanger Milo Silvestro. Psycroptic uit Tasmanië liet technische death metal klinken als een geoliede kettingzaag. The Black Dahlia Murder bewees dat ze ook na het verlies van Trevor Strnad springlevend zijn, met een set die furie en melodie perfect in balans bracht.
Tussendoor gaf Michael Schenker een gitaarles van wereldklasse, terwijl Doro haar status als Metal Queen bevestigde: glimlachend, energiek en tijdloos. Drowning Pool zette met Bodies de hele weide in beweging, een collectieve eruptie van nostalgie en kracht.
Naar de avond toe werd het donkerder. Dimmu Borgir en Emperor brachten nogmaals symfonische black van de bovenste plank. Maar de laatste mokerslag kwam van Machine Head. Robb Flynn en co vuurden Davidian en Imperium af alsof hun leven ervan afhing. Het podium stond letterlijk in vuur en vlam. Een finale die niet enkel de longen, maar ook de ziel van het publiek uitwringde.
Epiloog
Alcatraz 2025 was drie dagen lang een staalkaart van de metalwereld. Van jonge wolven zoals Cobracide en Thrown tot levende legendes als Mastodon, Michael Schenker en Machine Head. Van woestijnmetal tot industrieel geweld, van intieme doom tot symfonische black.
Meer nog dan een line-up was het een beleving. Een familiereünie, een ritueel, een ode aan alles wat metal groot maakt. De gevangenispoorten van Kortrijk gingen weer open, en iedereen die erbij was, weet: volgend jaar staan we er opnieuw. Moe, schor, maar gelukkig.